Debat herijking hervormingsmaatregelen jeugdzorg 8 november 2021

Uitgesproken door Silvia Bruggenkamp


Voorzitter dank u wel,


Voorzitter het overhevelen van de jeugdzorg van de Rijksoverheid naar de gemeenten, waarbij een forse korting van 450 miljoen EURO is toegepast is wel een historische fout genoemd;

Als ik in het voorstel lees over de beperkte haalbaarheid van de inhoudelijke en financiële verwachtingen en het moeizame verloop van de noodzakelijke hervormingen dan ben ik geneigd deze decentralisatie inderdaad als een historische fout te zien;

Dit absoluut onverlet de inspanningen van dit College e.e.a. in goede banen te leiden, een helse opgave voorzitter; Uiteindelijk gaat het om kwetsbare kinderen/jongeren zorg en dus een toekomst te geven. Jongeren doen er toe. Zij hebben niet alleen de toekomst, zij zijn de toekomst.

Voorzitter de beslisnota beschrijft uitgebreid de gang van zaken en voor een groot gedeelte worden we daar niet blij van;

Sommige dingen, en dat ligt wellicht aan mij, ik val in voor onze vaste woordvoerder, snap ik gewoon niet;

Zo lees ik bijvoorbeeld over kostenstijging door de ‘trendmatige groei van de ambulante jeugdzorg’. Maar die ambulantisering is toch juist de bedoeling? Hoe kan dit dan voor onverwachte kosten gezorgd hebben? Kan de wethouder dit voor mij verduidelijken?

In het jeugddomein is het onomstreden dat ambulante jeugdhulp de voorkeur verdient boven jeugdhulp met verblijf;

Maar voor aanbieders met verblijfsplekken heeft dit grote gevolgen voor hun organisatie, bijvoorbeeld vanwege hun onroerend goed en dit heeft een remmend effect op de beweging van ambulantisering. Hoe verhoudt zich dat tot de genoemde toename van ambulante jeugdzorg? Kan de wethouder de context voor mij begrijpelijker maken?

En voorzitter, hoeveel macht hebben de aanbieders eigenlijk dat zij in staat zijn een gewenste ontwikkeling af te remmen?

In de paragraaf ‘Samenspel in de wijk’ wordt aangegeven dat het systeem de hervormingen onvoldoende faciliteert. Het systeem zorgt er feitelijk voor dat in de praktijd het aanbod sturend en leidend is (en dus niet de vraag!);

In de beslisnota staat dat dit vrij scherpe bewoordingen zijn maar ik ben blij voorzitter, dat deze bewoordingen gebruikt worden;

Ik denk dat we allemaal willen dat de vraag leidend is, niet het aanbod!

Een systeem verander je niet zo maar, en de al benoemde weerstand zal dat er niet eenvoudiger op maken;

Voorzitter, kan de wethouder ingaan op de weerstand waarvan sprake is. Is die weerstand voornamelijk vanuit financiële overwegingen ingegeven of is ook sprake van inhoudelijke weerstand? En waar gaat dat dan over?

Er is een andere werkwijze nodig en de drie doelstellingen: betere jeugdhulp, passende inzet en financiële houdbaarheid kunnen wij volkomen onderschrijven;

Zou het een optie kunnen zijn een onafhankelijke adviescommissie in het leven te roepen. Of een denktank met experts uit de verschillende organisaties? Met als doel het College en de Raad te adviseren? We hebben het gevoel voorzitter dat sprake is van een impasse. Zou zo’n denktank behulpzaam zijn dit te doorbreken?

Enkele vragen nog hierover: het aantal jeugdhulpverleners is niet oneindig, de jeugdhulp is beperkt beschikbaar. Hieruit klinkt niet direct dat er voldoende jeugdhulp beschikbaar is. Is dat ook zo? En zijn er mogelijkheden het aantal jeugdhulpverleners uit te breiden?

Het is nodig meer duidelijkheid te hebben over wat we niet onder jeugdhulp verstaan. Waar wordt dan aan gedacht en waarom is die duidelijkheid er nu niet? Of is dat te kort door de bocht? Graag verduidelijking van de wethouder voorzitter;

Voorzitter, er is dringend behoefte aan meer zicht, inzicht en grip op de jeugdzorgkosten en daarom is een project gestart om de sturingsinformatie jeugdzorg te verbeteren. De aanbevelingen worden onverkort opgevolgd, daar zijn we blij mee;

We willen naast onze vragen en opmerkingen tenslotte de wethouder en zeker ook de ambtenaren een groot compliment maken over de vastberadenheid die zij wat ons betreft uitstralen dit vreselijk ingewikkelde probleem aan te gaan;

We zien en snappen hoe complex dit alles is;

En voorzitter, of het nu wel of niet een historische fout is de jeugdzorg over te hevelen naar de gemeenten (hoe ziet de wethouder dit eigenlijk?) vaststaat dat deze gemeente er alles aan wil doen te zorgen voor een goede jeugdzorg en dat waarderen wij zeer;

Tot zover voorzitter, dank u wel